Countertenor Reginald Mobley: ‘Mijn zingen is een talent, maar ook een lotsbestemming’
door Joost Galema 08 mei 2026 08 mei 2026
Countertenor Reginald Mobley wil met zijn stem een pleidooi houden voor de liefde, in een wereld van haat en onverdraagzaamheid. Zijn muzikale reis begon in het diepe zuiden van Amerika met heimelijk luisteren naar Bach. ‘Het leven is altijd in kleur geweest, en muziek ook.’
Met zijn stem wil hij een pleidooi houden voor de liefde, in een wereld waar haat zich op de voorgrond dringt. ‘Als kind uit een arm en zwart gezin in het diepe zuiden van de Verenigde Staten weet ik hoe kwaadaardig het leven en mensen kunnen zijn’, zegt countertenor Reginald Mobley. ‘Geweld en racisme waren nooit ver weg, in tijd of in afstand, ze hoorden bij ons collectieve bewustzijn en de alledaagse werkelijkheid. De verhalen zijn talrijk. Ik noem bijvoorbeeld de geschiedenis van Rosewood, een dorp dichtbij de plek waar mijn jeugd zich afspeelde. Het was eens een vredige, welvarende Afro-Amerikaanse gemeenschap, die in 1923 door blanken uit omliggende dorpen werd platgebrand, na valse beschuldigingen over een verkrachting.’
Zelf vereenzelvigt Mobley zich met de Black Lives Matter-generatie, de protestbeweging tegen het buitensporige politiegeweld dat zwarten treft. ‘Mensen kunnen slecht zijn, maar wanneer we kiezen voor ons betere ik, wanneer we besluiten om aan anderen te denken, dan schuilt er een grote schoonheid in ons. In die realiteit wil ik geloven, daar richt mijn muzikale aanleg zich op. Mijn zingen is een talent, maar ook een lotsbestemming. Ik beschouw het als een gave van iedereen, niet van mij alleen.’
‘Sommige mensen willen ons tegenwoordig graag laten geloven dat er iets mis is met empathie en compassie’
Deze opvatting weerklinkt in de eerste regels van het lied Because van Florence Price op zijn gelijknamige album, waarvoor Mobley anderhalf jaar geleden een Edison in ontvangst mocht nemen.
Because I had loved so deeply,
Because I had loved so long,
God in His great compassion
Gave me the gift of song.
Hij glimlacht. ‘Ja, ik ben een godvruchtig mens. Mijn fascinatie voor muziek kwam voort uit mijn ontdekking van Johann Sebastian Bach. Zijn werk echoot altijd en overal in mij. Hij kon in een paar noten de volheid van zijn religieuze overtuigingen en het aardse bestaan verklanken. Bach beschreef wat ons tot mens maakt, onze breekbaarheid, ons wezen.
Ik grijp altijd weer terug op zijn cantate 39, Brich dem Hungrigen dein Brot. Een stuk over de bijbelse filosofie van barmhartigheid: geef brood aan wie honger lijdt, een onderkomen aan de daklozen en kleding aan wie naakt is. ‘Keer je medemens niet de rug toe, dan zal jouw licht doorbreken als het morgenrood.’ Bach begreep het idee van naastenliefde. Sommige mensen willen ons tegenwoordig graag laten geloven dat er iets mis is met empathie en compassie. Of met woke. Maar dat lijkt me onzin. Medemenselijkheid en onderling begrip zijn gevoelens die we geacht worden te omarmen. Daarin vormt Bach een pijler onder mijn bestaan. Zijn muziek gaat nooit over dogma’s of vastomlijnde regels, maar altijd over mededogen.’
Bach opende voor Mobley de deur naar een muzikale loopbaan. Op zijn elfde moest hij op school kiezen tussen een computercursus, sport of muziek. ‘Ik had een crush op een jongen uit mijn klas. En hij ging bij de band, dus ik ook. Daar drukten ze me een trompet in handen en speelden we muziek van allerlei genres. Onder de stukken bevond zich een prelude en fuga van Bach. In een slechte bewerking, maar ik werd er meteen door gegrepen.’
‘Ik smokkelde mijn Bach-cd’s naar binnen met andere covers’
Thuis moest hij zijn Bach-liefde heimelijk belijden. Mobley werd in Florida grootgebracht door zijn opa en oma, die gruwelijke herinneringen bewaarden aan de rassenscheiding en het racisme uit de eerste helft van de twintigste eeuw. ‘Klassieke muziek was een symbool van de blanke cultuur die hen onderdrukte. Mijn oma had er een hekel aan. Dus ik smokkelde mijn Bach-cd’s naar binnen met andere covers. Op mijn kamer zag ze altijd goedkeurend albums van zwarte jazzlegenden, niet wetende dat in die doosjes de Brandenburgse concerten en de Matthäus-Passion verstopt zaten.’
Met zijn stem wil hij een pleidooi houden voor de liefde, in een wereld waar haat zich op de voorgrond dringt. ‘Als kind uit een arm en zwart gezin in het diepe zuiden van de Verenigde Staten weet ik hoe kwaadaardig het leven en mensen kunnen zijn’, zegt countertenor Reginald Mobley. ‘Geweld en racisme waren nooit ver weg, in tijd of in afstand, ze hoorden bij ons collectieve bewustzijn en de alledaagse werkelijkheid. De verhalen zijn talrijk. Ik noem bijvoorbeeld de geschiedenis van Rosewood, een dorp dichtbij de plek waar mijn jeugd zich afspeelde. Het was eens een vredige, welvarende Afro-Amerikaanse gemeenschap, die in 1923 door blanken uit omliggende dorpen werd platgebrand, na valse beschuldigingen over een verkrachting.’
Zelf vereenzelvigt Mobley zich met de Black Lives Matter-generatie, de protestbeweging tegen het buitensporige politiegeweld dat zwarten treft. ‘Mensen kunnen slecht zijn, maar wanneer we kiezen voor ons betere ik, wanneer we besluiten om aan anderen te denken, dan schuilt er een grote schoonheid in ons. In die realiteit wil ik geloven, daar richt mijn muzikale aanleg zich op. Mijn zingen is een talent, maar ook een lotsbestemming. Ik beschouw het als een gave van iedereen, niet van mij alleen.’
‘Sommige mensen willen ons tegenwoordig graag laten geloven dat er iets mis is met empathie en compassie’
Deze opvatting weerklinkt in de eerste regels van het lied Because van Florence Price op zijn gelijknamige album, waarvoor Mobley anderhalf jaar geleden een Edison in ontvangst mocht nemen.
Because I had loved so deeply,
Because I had loved so long,
God in His great compassion
Gave me the gift of song.
Hij glimlacht. ‘Ja, ik ben een godvruchtig mens. Mijn fascinatie voor muziek kwam voort uit mijn ontdekking van Johann Sebastian Bach. Zijn werk echoot altijd en overal in mij. Hij kon in een paar noten de volheid van zijn religieuze overtuigingen en het aardse bestaan verklanken. Bach beschreef wat ons tot mens maakt, onze breekbaarheid, ons wezen.
Ik grijp altijd weer terug op zijn cantate 39, Brich dem Hungrigen dein Brot. Een stuk over de bijbelse filosofie van barmhartigheid: geef brood aan wie honger lijdt, een onderkomen aan de daklozen en kleding aan wie naakt is. ‘Keer je medemens niet de rug toe, dan zal jouw licht doorbreken als het morgenrood.’ Bach begreep het idee van naastenliefde. Sommige mensen willen ons tegenwoordig graag laten geloven dat er iets mis is met empathie en compassie. Of met woke. Maar dat lijkt me onzin. Medemenselijkheid en onderling begrip zijn gevoelens die we geacht worden te omarmen. Daarin vormt Bach een pijler onder mijn bestaan. Zijn muziek gaat nooit over dogma’s of vastomlijnde regels, maar altijd over mededogen.’
Bach opende voor Mobley de deur naar een muzikale loopbaan. Op zijn elfde moest hij op school kiezen tussen een computercursus, sport of muziek. ‘Ik had een crush op een jongen uit mijn klas. En hij ging bij de band, dus ik ook. Daar drukten ze me een trompet in handen en speelden we muziek van allerlei genres. Onder de stukken bevond zich een prelude en fuga van Bach. In een slechte bewerking, maar ik werd er meteen door gegrepen.’
‘Ik smokkelde mijn Bach-cd’s naar binnen met andere covers’
Thuis moest hij zijn Bach-liefde heimelijk belijden. Mobley werd in Florida grootgebracht door zijn opa en oma, die gruwelijke herinneringen bewaarden aan de rassenscheiding en het racisme uit de eerste helft van de twintigste eeuw. ‘Klassieke muziek was een symbool van de blanke cultuur die hen onderdrukte. Mijn oma had er een hekel aan. Dus ik smokkelde mijn Bach-cd’s naar binnen met andere covers. Op mijn kamer zag ze altijd goedkeurend albums van zwarte jazzlegenden, niet wetende dat in die doosjes de Brandenburgse concerten en de Matthäus-Passion verstopt zaten.’
Mobley kreeg een studiebeurs voor beeldende kunst, maar een chronische polsblessure sloot die weg af. Daarna kreeg hij de kans om zich in muziek te bekwamen. ‘Rond mijn twintigste was ik een middelmatige tenor. Toen mijn leraar me op een dag de hoge partij in een barbershopkwartet hoorde zingen, besefte hij dat ik een countertenor was. Voordien voelde ik altijd een blokkade in mijn keel. Ik kleurde met een stift waar de dop op zat. En toen zei mijn docent: ‘Haal die dop er eens af.’ En zie: ik kon eindelijk echt ademen.’
‘Waar het mij om gaat, is om via kunst anderen verder te helpen’
‘Ik voelde eenzelfde bevrijding als op het moment dat ik op mijn vijftiende niet langer mijn queer-identiteit verborg. En dat was natuurlijk best een dingetje in het conservatieve zuiden, maar ja, een mens moet de waarheid over zichzelf aanvaarden. Als anderen mijn homoseksualiteit lastig vonden, was dat hun probleem. Mijn bestaan doet niemand pijn. In leven en werk wil ik vooral schoonheid en liefde doorgeven. Zij belichamen in mijn ogen het bestaansrecht van muziek, zeker in tijden van ontmenselijking zoals nu. Prijzen, rijkdom en roem zijn leuk, maar ze vormen ook een mist die het zicht belemmert op wat werkelijk van belang is. Bovendien zal ik ze niet kunnen meenemen in mijn graf. Waar het mij om gaat, is om via kunst anderen verder te helpen.’
Dat deed Mobley eerst vooral in de oude muziek, maar voor het album Because – de kern van zijn recital in de Kleine Zaal – verdiepte hij zich samen met de Franse jazzpianist Baptiste Trotignon in zijn eigen Afro-Amerikaanse erfgoed: van anonieme spirituals en folksongs uit de slaventijd, via liederen van vergeten klassieke componisten, tot Marvin Gayes soul-hit I Heard It Through the Grapevine.
‘Aanvankelijk was het de bedoeling om muziek van zwarte componisten uit de klassieke muziekgeschiedenis op te delven. Toen het platenlabel voorstelde om met Trotignon te werken, namen we een andere afslag. Amerikaanse spirituals leken ons als vertrekpunt logischer. Die sluiten niet alleen aan bij mijn eigen achtergrond, maar vormen bovendien de geboortegrond van de jazz, waarin Baptiste zich beweegt. We wilden deze folksongs vertolken zoals klassieke liederen of jazzstandards en ze op die manier tot kunst verheffen. Maar het gaat mij er niet om dat zwarte muziek een plek moet krijgen in de canon. Deze stukken en componisten waren er altijd al, alleen onze blik was vernauwd. Neem bijvoorbeeld Händel en Tsjaikovski. Wie maakt zich er nog druk over dat zij queer waren? Oude televisies en films waren in zwart-wit, maar het leven zelf is altijd in kleur geweest, en muziek ook. Dat is niets geks, niets revolutionairs. Het is gewoon een kwestie van je ogen openen.’
Beluister ook de Spotify-playlist bij dit artikel:
zo 21 juni | Kleine Zaal
Reginald Mobley countertenor
Baptiste Trotignon piano
Bestel hier kaarten
Bekijk het concertprogramma
Mobley kreeg een studiebeurs voor beeldende kunst, maar een chronische polsblessure sloot die weg af. Daarna kreeg hij de kans om zich in muziek te bekwamen. ‘Rond mijn twintigste was ik een middelmatige tenor. Toen mijn leraar me op een dag de hoge partij in een barbershopkwartet hoorde zingen, besefte hij dat ik een countertenor was. Voordien voelde ik altijd een blokkade in mijn keel. Ik kleurde met een stift waar de dop op zat. En toen zei mijn docent: ‘Haal die dop er eens af.’ En zie: ik kon eindelijk echt ademen.’
‘Waar het mij om gaat, is om via kunst anderen verder te helpen’
‘Ik voelde eenzelfde bevrijding als op het moment dat ik op mijn vijftiende niet langer mijn queer-identiteit verborg. En dat was natuurlijk best een dingetje in het conservatieve zuiden, maar ja, een mens moet de waarheid over zichzelf aanvaarden. Als anderen mijn homoseksualiteit lastig vonden, was dat hun probleem. Mijn bestaan doet niemand pijn. In leven en werk wil ik vooral schoonheid en liefde doorgeven. Zij belichamen in mijn ogen het bestaansrecht van muziek, zeker in tijden van ontmenselijking zoals nu. Prijzen, rijkdom en roem zijn leuk, maar ze vormen ook een mist die het zicht belemmert op wat werkelijk van belang is. Bovendien zal ik ze niet kunnen meenemen in mijn graf. Waar het mij om gaat, is om via kunst anderen verder te helpen.’
Dat deed Mobley eerst vooral in de oude muziek, maar voor het album Because – de kern van zijn recital in de Kleine Zaal – verdiepte hij zich samen met de Franse jazzpianist Baptiste Trotignon in zijn eigen Afro-Amerikaanse erfgoed: van anonieme spirituals en folksongs uit de slaventijd, via liederen van vergeten klassieke componisten, tot Marvin Gayes soul-hit I Heard It Through the Grapevine.
‘Aanvankelijk was het de bedoeling om muziek van zwarte componisten uit de klassieke muziekgeschiedenis op te delven. Toen het platenlabel voorstelde om met Trotignon te werken, namen we een andere afslag. Amerikaanse spirituals leken ons als vertrekpunt logischer. Die sluiten niet alleen aan bij mijn eigen achtergrond, maar vormen bovendien de geboortegrond van de jazz, waarin Baptiste zich beweegt. We wilden deze folksongs vertolken zoals klassieke liederen of jazzstandards en ze op die manier tot kunst verheffen. Maar het gaat mij er niet om dat zwarte muziek een plek moet krijgen in de canon. Deze stukken en componisten waren er altijd al, alleen onze blik was vernauwd. Neem bijvoorbeeld Händel en Tsjaikovski. Wie maakt zich er nog druk over dat zij queer waren? Oude televisies en films waren in zwart-wit, maar het leven zelf is altijd in kleur geweest, en muziek ook. Dat is niets geks, niets revolutionairs. Het is gewoon een kwestie van je ogen openen.’
Beluister ook de Spotify-playlist bij dit artikel:
zo 21 juni | Kleine Zaal
Reginald Mobley countertenor
Baptiste Trotignon piano
Bestel hier kaarten
Bekijk het concertprogramma