Wat is een wals?

wals

De wals is een dans van Oostenrijkse en Beierse oorsprong met een markante driekwartsmaat. De muziek ontwikkelde zich tot een zelfstandige stijl.

Wat is de wals?

De wals is een dans van Oostenrijkse en Beierse oorsprong met een markante driekwartsmaat. De muziek ontwikkelde zich tot een zelfstandige stijl.

Hoe is de wals ontwikkeld?

Dansen in driekwartsmaat vind je in volksmuziek over de hele wereld. Maar de wals die rond 1750 in Zuid-Duitsland en Oostenrijk ontstond ontwikkelde zich tot een apart genre binnen de klassieke muziek. Vooral de Weense wals werd populair dankzij Johann Strauss jr (en diens broers).

Naast danswalsen werden vooral in de negentiende eeuw veel concertwalsen gecomponeerd. Schubert en Chopin blonken uit in walsen voor piano en onder anderen Tsjaikovski en Brahms schreven beroemde symfonische walsen.

Start / pauzeer slideshow

Wat is karakteristiek aan de wals?

Karakteristiek in alle walsvormen is het zware accent op de eerste tel (een basnoot). De tweede en derde tel zijn meestal akkoorden zonder accent.
Een speciale variant werd de Engelse wals die een langzamer tempo heeft. Ook zijn er verschillen in ritmische accenten: de Engelse wals heeft een strak ritme, bij de Weense wals klinkt de tweede tel vaak iets vroeger en wordt de derde iets vertraagd.

In Latijns-Amerika en het Caribisch gebied ontstond een walsvorm met accenten op tel één en tel tweeënhalf ('TIKtak-tikTAK-tiktak'), waardoor een eigenaardige 'swing' ontstaat.

De wals in de twintigste eeuw

Het walsgenre verloor na 1900 aan populariteit. Maurice Ravel blies het in 1920 nieuw leven in met La valse, waarin de Weense wals tot bijna bizarre proporties is uitvergroot. Neoclassicistische walsen vind je onder meer in de balletten van Prokofjev en Sjostakovitsj verraste het publiek in de jaren 1950 met zijn Suite voor variétéorkest waaruit vooral 'Wals nr. 2' beroemd werd.