Wat is een gitaar?

gitaar

De gitaar is een snaarinstrument dat met de vingers wordt getokkeld. Het instrument is familie van de luit en kreeg later een grote betekenis in de popmuziek.

Hoe werkt een gitaar?

De gitaar bestaat hoofdzakelijk uit:

  • een klankkast
  • een hals
  • een kop met stemschroeven
  • (meestal) zes snaren

Op de hals van de gitaar zijn fretten aangebracht, waarboven de snaren met de vingers van de linkerhand kunnen worden afgeklemd. Zo wordt de snaar korter en klinkt bij het tokkelen (met de rechterhand) een hogere toon.

Wat is de geschiedenis van de gitaar?

Als bakermat van de gitaar worden onder meer Griekenland en Mesopotamië genoemd. Twee directe voorlopers zijn de luit en de Spaanse vihuela, die al een karakteristieke getailleerde vorm had. Deze twee instrumenten ontwikkelden zich uit Arabische snaarinstrumenten.

De rol van de gitaar was eerst louter begeleidend, maar het instrument kreeg steeds meer melodische mogelijkheden. Dat beïnvloedde het aantal snaren en de stemming. De klassieke gitaar die eind achttiende eeuw in Italië, Spanje en Frankrijk ontwikkeld werd heeft zes snaren.

Welke componisten schreven voor gitaar?

Diverse componisten in de Renaissance en de Barok schreven gitaarwerken, maar rond 1800 begon de bloeitijd van de gitaar als klassiek instrument in heel West-Europa. Honderden etudes, sonates en suites werden geschreven door componisten als de Catalaan Fernando Sor en de Italianen Matteo Carcassi, Ferdinando Carulli, Luigi Boccherini en Niccoló Paganini.

De zachte klank maakt de gitaar kwetsbaar in grotere bezettingen. Gustav Mahler gaf het instrument als een van de weinige componisten een plaats in het symfonieorkest, in zijn Zevende symfonie.

Vooral Spaanse bouwers en musici droegen in de twintigste eeuw bij tot de populariteit van de gitaar. Solisten als Miguel Llobet en Andrés Segovia genereerden bekende repertoirestukken van o.a. Manuel de Falla, Joaquín Turina, de Cubaan Leo Brouwer en de Mexicaan Manuel Ponce. Door haar reputatie als volksinstrument werd de gitaar favoriet bij maatschappelijk betrokken componisten als Kurt Weill en Hanns Eisler.

Met de komst van versterkers kreeg het instrument een nieuwe toekomst in de rock-'n-roll en daarvan afgeleide stromingen. Ook Luigi Nono en andere avant-gardecomponisten schreven voor elektrische gitaar, evenals een eclecticus als Leonard Bernstein in zijn multimedia-opera Mass.