Interview

Kijken of het publiek erbij blijft lachen

Uit het Preludium maandblad juni 2018

Zangeres en muzikant Fay Lovsky is op 1 juni te beluisteren in Club Concertgebouw in de Koorzaal. ‘Ik zit op mijn zolderkamer dingen in elkaar te knutselen.' 

Fay Lovsky is een unieke verschijning in de Nederlandse muziekwereld en moeilijk in een hokje te plaatsen. Ze maakt popmuziek, dat is waar. En elke decembermaand komt haar kerstklassieker Christmas Was a Friend of Mine (1981) wel een paar keer voorbij op de radio. Maar daarnaast bewandelt ze zo veel muzikale paden en trekt ze geregeld op met zulke uiteenlopende musici en kunstenaars, dat ze heel veel meer is dan alleen popmuzikant.

Misschien is ‘speelsheid’ de rode draad die al haar projecten verbindt, naast een telkens terugkerende voorkeur voor ‘liedjes’. Als singer-songwriter is ze ook een van de eerste zolderkamersolisten van Nederland – op haar debuutplaat Sound on Sound (1980) speelde ze alles zelf – en zo bezien is het wel passend dat ze in Club Concertgebouw een soloconcert geeft waarbij ze meer geluiden zal produceren dan alleen stem en gitaar.

Start / pauzeer slideshow

Lovsky: ‘Eigenlijk doe ik hetzelfde als wat ik al jaren doe: ik zit op mijn zolderkamer dingen in elkaar te knutselen en heel vroeger deed ik dat al met die Revox taperecorder.’

Arbeider op de hogeschool

Wat gaat het worden in Club Concertgebouw? ‘Ik bedenk manieren om in mijn eentje een mooie avond te maken voor de Koorzaal met z’n kroonluchters. Iemand als Ed Sheeran kan solo optreden met een loop station [een digitaal apparaat om ter plekke gespeelde fragmenten vast te leggen – loop – om vervolgens overheen te spelen] omdat hij per nummer één basloopje gebruikt. Maar mijn muziek gaat alle kanten op, dus ik moet wat anders bedenken.

Ik heb een hoop nieuwe dingen die ik graag los wil laten op een weerloos publiek om te kijken of ze daarbij blijven lachen. Omdat ik bezig ben met een album gebruik ik solo-optredens ook om te kijken welke nummers werken – en tot nu toe heb ik gemerkt dat ze allemaal werken. In 2015 deed ik mee aan een programma in Het Concertgebouw rond Harry Bannink, de vaste componist van Annie M.G. Schmidt; daardoor geïnspireerd ben ik wat meer Nederlandstalig gaan schrijven, dat komt ook aan bod. En ik ga wat bijzondere muziek brengen die ik samen met ontwerper/componist Jaap Drupsteen heb gemaakt, maar dan zonder zijn visuals erbij – dan is het nog steeds heel mooi.’

Voor de theremin heeft Lovsky ook een en ander op het programma staan. ‘Aan dat instrument is trouwens een wonderlijk stukje verleden verbonden voor mij en Het Concertgebouw. Riccardo Chailly had destijds een theremin nodig voor een opname van Sjostakovitsj met het Koninklijk Concertgebouworkest [The Film Album, Decca 1994].

Ik moest toen auditie komen doen want hij zag het eerst niet echt zitten, zo’n popmuzikant. Maar mijn auditie was geslaagd, ik had kennelijk toch de noten goed gelezen. Dat was heel erg leuk – tegelijk was het voor mij een doodenge confrontatie met een heel schoolse hiërarchie in de muziek. Voor mij is de klassieke muziek een soort hogeschool terwijl ik maar een arbeider ben.’