RCO House: Een huis vol muziek

Uit het Preludium maandblad januari 2017

Een eigen huis voor het Koninklijk Concertgebouworkest: het RCO House. Het orkest streeft ernaar eind 2018, wanneer het 130 jaar bestaat, de deuren te openen van een monumentaal Berlagepand met uitzicht op het Museumplein. 

Muziekstudio’s, een bibliotheek, een ensemblezaal, een lounge en kantoorruimtes: dat alles is straks terug te vinden in het RCO House aan de Gabriël Metsustraat 16, op een steenworp afstand van Het Concertgebouw. Het oude schoolpand, ontworpen door Berlage in 1908, werd aangekocht om musici, staf en iedereen die het Koninklijk Concertgebouworkest een warm hart toedraagt gastvrij te kunnen onthalen. Zoals ook schoolklassen, concertpubliek, de donateurs en de sponsors. Samen met Team V Architectuur uit Amsterdam en geadviseerd door bureau Fritz worden verbouwings- en restauratieplannen gesmeed. Er komt zelfs een stuk nieuwbouw.

Architect Do Janne Vermeulen van Team V: ‘Het is een enorme uitdaging om invulling te geven aan dit monument op deze plek. Je kunt niet zomaar alles doen, en we hebben met buren te maken, dus voor uitbreiding ben je aan regels gebonden. We hebben lang gepuzzeld om tot een oplossing te komen.’ ‘Kijk,’ – we staan op de tweede verdieping aan de achterkant en Vermeulen wijst aan – ‘het nieuwe gedeelte, met daarin de studiekamers voor de musici, zetten we los van het oude gebouw. Tussen beide panden komt een glazen lichtstraat, heel ruimtelijk. Via een loopbrug kun je naar de overkant. Direct als je de lichtstraat binnenstapt, weet je dat je met een muziekhuis te maken hebt, je ziet de musici studeren.’

Studieruimte

Werkmaquettes bij de ingang, een monumentale trap, kale ruimtes verdeeld over een aantal verdiepingen; tegen de wanden en ramen zijn witte vellen geplakt met daarop de toekomstige bestemming van de oude schoollokalen. Met de opening van het RCO House gaat een langgekoesterde wens in vervulling. David Bazen, adjunct-directeur Zakelijk van het Concertgebouworkest: ‘Toen we het orkest voorstelden om een dergelijk pand aan te kopen, reageerde men buitengewoon enthousiast: eindelijk mogelijkheden om te studeren en om kamermuziek te maken. Veel musici zijn kleinbehuisd, en wonen ver van Het Concertgebouw, voor hen is op een ontspannen manier studeren een groot probleem. Vroeger lag dat anders, de vorige generatie spelers kocht een huis in de buurt van de zaal, maar dat is in deze tijd onbetaalbaar. We zijn als instantie niet sterk in salariëring, daarom willen we goede secundaire arbeidsvoorwaarden bieden: een instrument en studiemogelijkheden. Voor een musicus die woont en werkt in een stad als Amsterdam is studieruimte van levensbelang, dat is een belangrijke reden waarom we zo zwaar tillen aan de realisatie van de nieuwbouw. Voor de staf is het RCO House ook een kans – de kantoorfuncties zullen in het oude gedeelte komen; afdelingen die nu op gescheiden werkplekken zitten maar wel met elkaar te maken hebben, komen in dezelfde ruimte.’

Start / pauzeer slideshow

‘Vanuit het orkest en vanuit de staf hebben we gebruikerscommissies samengesteld. Wat zijn de wensen en waarom, en hoe kunnen we die het beste verwezenlijken? Ook donateurs en relaties van het orkest zijn hier vanaf het begin bij betrokken geweest, niet alleen op het gebied van geld, ze denken ook mee over de uitstraling, over wat het RCO House moet zijn.’

Verleden en heden

Vermeulen: ‘Het Concertgebouworkest speelt voornamelijk klassieke muziek en heeft een sterke band met het verleden. Dit pand heeft ook een enorme band met de historie, maar is heel eigentijds: het wordt de thuisbasis voor jong talent. Die combinatie moet je kunnen zien. Aan de straatkant brengen we het gebouw terug naar de originele staat, met nieuwe, hoogwaardige maar passende kozijnen. Stadsherstel, zou je kunnen zeggen. En de originele trap van Berlage restaureren we ook volledig. De nieuwbouw wordt simpel, strak en verfijnd. De gevel metselen we in dezelfde baksteen als die van het oude gebouw, maar dan met een andere detaillering. Je ziet het verschil tussen nieuw- en oudbouw, maar in kleur, materiaal en textuur herken je het oude pand. Er is eenheid in maat en schaal: de verhoudingen refereren aan het bestaande gebouw.’

Bazen struint door de voormalige klaslokalen: ‘Het gebouw dicteert z’n gebruik, omdat het ooit met een heel ander doel is ontworpen. De vloer waarop we nu staan gaat er straks uit, en dan ontstaat een ensemblezaal waar zo’n tachtig à honderd man in past – bijvoorbeeld twee schoolklassen en een groepje musici. Dat gaat in overleg met de akoestisch adviseurs van Peutz, zij kunnen ons precies vertellen hoe een ruimte vormgegeven moet worden om een optimale akoestische kwaliteit te bereiken. We zijn enorm blij dat we met het toekomstige RCO House een plek krijgen waar we meer met educatie kunnen doen, waar het orkest zijn eigen gezicht kan laten zien en toegankelijk is.’